Home > Zorgvuldigheidseisen > Consultatie

Eis 5: consultatie

De arts heeft ten minste één andere, onafhankelijke arts geraadpleegd, die de patiënt heeft gezien en schriftelijk zijn oordeel heeft gegeven over de hiervoor genoemde zorgvuldigheidseisen.

De arts dient ten minste één andere, onafhankelijke arts te raadplegen. Deze arts (de consulent) moet onafhankelijk zijn ten opzichte van zowel de patiënt als de meldend arts. De onafhankelijkheid en deskundigheid van de consulent moeten zo veel mogelijk gewaarborgd zijn.
Hij moet dus bijvoorbeeld geen praktijkgenoot, familielid, lid van de maatschap, arts-assistent van de meldend arts zijn; de schijn van niet onafhankelijkheid dient te worden voorkomen.
De onafhankelijkheid van de consulent ten opzichte van de patiënt houdt in dat er geen sprake mag zijn van een onderlinge familiebetrekking of vriendschap, dat de consulent geen medebehandelaar is (geweest) en dat hij de patiënt ook niet uit een eerdere waarneming kent.

Om een goed beeld te krijgen van de aandoening, het ziektebeloop en de situatie waarin de patiënt zich bevindt moet de consulent patiënt zelf zien. Na zijn bezoek aan patiënt moet de consulent een schriftelijk verslag maken van zijn bevindingen. Hij moet gemotiveerd beschrijven of en zo ja, waarom hij van mening is dat door de arts aan de zorgvuldigheidseisen wordt voldaan.
Niet alleen ten behoeve van de besluitvorming van de arts die het euthanasieverzoek van een patiënt wil inwilligen zijn het oordeel van de onafhankelijke consulent en diens verslaglegging belangrijk. Ook draagt een verslag van een onafhankelijke consulent bij aan het verkrijgen van inzicht door de commissies.

De consulent, vaak een SCEN-arts, draagt verantwoordelijkheid voor zijn verslaglegging. Dit neemt niet weg dat de meldend arts eindverantwoordelijk is voor het voldoen aan alle zorgvuldigheidseisen.
www.scen.nl

Gerelateerde documenten