Levensbeëindiging op verzoek: comacheck

Voorkomen moet worden dat het spierverslappende middel wordt toegediend voordat de patiënt in een diep coma is. Dan zou de patiënt namelijk de gevolgen van de spierverslapper kunnen ervaren.

Belangrijk is dan ook dat de arts een comacheck uitvoert, alvorens het spierverslappende middel wordt toegediend. De arts moet vaststellen dat er een voldoende diep coma is. Van de arts wordt in dit verband verwacht dat hij de vraag in het modelverslag over de controle van de diepte van het coma beantwoordt en dat hij met name aangeeft dat hij dit via een pijnprikkel en/of beschermende reflex (wimperreflex, corneareflex) heeft gecontroleerd.

Bij twijfel zullen de commissies navraag doen over de diepte van het coma en de wijze waarop deze door de arts is vastgesteld.