Voorwoord

Zeer geachte lezer,

Bij het verschijnen van de eerste versie van Code of Practice in april 2015 is toegezegd dat de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE) deze regelmatig zullen actualiseren. Een eerste geactualiseerde versie met een  nieuwe naam die de lading beter dekt – EuthanasieCode 2018. De toetsingspraktijk toegelicht – treft u hierbij aan.

In de EuthanasieCode 2018 wordt de toetsingspraktijk toegelicht. Of in de woorden van de Derde evaluatie van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (2017): in de Code wordt “een handzaam overzicht gegeven van de manier waarop de zorgvuldigheidseisen door de RTE worden geïnterpreteerd.”

In vergelijking met de Code uit 2015 zijn in de EuthanasieCode 2018 behalve een aantal redactionele verbeteringen ook een aantal inhoudelijke preciseringen aangebracht. Deze zijn ingegeven door sedertdien door de  RTE gepubliceerde oordelen en door de van verschillende zijden ontvangen feedback.

De preciseringen zien onder meer op de mate van onafhankelijkheid van de consulent ten opzichte van de uitvoerende arts en op de passages die betrekking hebben op patiënten met een psychiatrische aandoening en  patiënten met dementie. Daarenboven zijn ook preciseringen aangebracht – in lijn met hetgeen daarover door de commissie Schnabel is geadviseerd – over de ruimte die de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL) biedt voor patiënten met een verzoek om levensbeëindiging in verband met een stapeling van ouderdomsaandoeningen (zie Rapport ‘Voltooid leven' pagina 210-212).

Zoals ook in de Derde wetsevaluatie is vastgesteld, hebben zich overigens sinds het verschijnen van de Code in april 2015 “geen nieuwe ontwikkelingen […] voorgedaan met betrekking tot de interpretatie van de wettelijke zorgvuldigheidseisen”.

De EuthanasieCode 2018 heeft nu ook een index waardoor het vinden van de gezochte informatie vergemakkelijkt wordt. De EuthanasieCode 2018 heeft artsen en consulenten als primaire doelgroep. Om te weten te komen of artsen bekend zijn met de Code uit 2015 en hoe zij deze waarderen, hebben prof. mr. dr. A.R. Mackor en dr. H.A.M. Weyers in 2016 een enquête gehouden onder uitvoerende artsen en consulenten die  daadwerkelijk betrokken zijn geweest bij een euthanasie of hulp bij zelfdoding. Uit de hoge respons op die enquête is gebleken dat artsen – naast enige kritische kanttekeningen – de Code bovenal ervaren als een waardevolle bron van informatie.

Bijna 90 % van de consulenten bleek de Code te kennen. Maar van de uitvoerende artsen kende bijna 80 % de Code niet! Het verbeteren van de kennis over de euthanasiewet onder artsen dient – ook blijkens het regeerakkoord “Vertrouwen in de toekomst” (pagina 18) – krachtig ter hand genomen te worden.2

Samen met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) en in het bijzonder de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) zullen wij vergroting van de bekendheid van de EuthanasieCode 2018 onder uitvoerende artsen trachten te bewerkstelligen.

De Code speelt ook een nuttige rol bij de harmonisatie van de oordelen van de commissies die onder de RTE ressorteren: indien een commissie meent op grond van zeer specifieke omstandigheden van de Code te moeten afwijken, dan wordt dat steeds onderbouwd en toegelicht in het oordeel van de commissie.

Evenals bij de opstelling van de Code uit 2015 het geval is geweest, hebben ook nu weer prof. mr. J.K.M. Gevers, dr. E.F.M. Veldhuis, prof. mr. dr. A.R. Mackor, de algemeen secretaris mr. N.E.C. Visée, dit keer bijgestaan door de secretaris mr. C.A.M. Wildemast, zich gebogen over de herziening.

De RTE stellen uw feedback op de EuthanasieCode 2018 op prijs. Feedback kunt u geven via het contactformulier op de website.


mr. J. Kohnstamm, coördinerend voorzitter RTE
Den Haag, april 2018