Eis 2: lijden
De arts heeft de overtuiging gekregen dat er sprake was van uitzichtloos en ondraaglijk lijden van de patiënt.
De uitzichtloosheid van het lijden moet naar algemeen medisch inzicht vaststaan. In medisch opzicht is de uitzichtloosheid redelijk objectief vast te stellen. Er is geen uitzicht meer op verbetering. Hierbij speelt het professionele oordeel van de arts over het behandel- en zorgperspectief voor de patiënt een belangrijke rol.
De ondraaglijkheid van het lijden is moeilijker vast te stellen, omdat het een persoonsgebonden begrip is. De ondraaglijkheid van het lijden wordt bepaald door het perspectief van de patiënt, zijn fysieke en psychische draagkracht en zijn persoonlijkheid. Wat de ene patiënt nog als draaglijk ervaart, is voor de andere ondraaglijk.
Voor de toetsing van het aspect van de ondraaglijkheid is het noodzakelijk het begrip enigszins te objectiveren. De commissies gaan bij de beoordeling na of de ondraaglijkheid van het lijden invoelbaar is geweest voor de arts; de arts moet dit aannemelijk kunnen maken.