10-10-2005
Verzoek
De essentie van gerechtvaardigde levensbeëindiging op verzoek of hulp bij zelfdoding is het uitdrukkelijke verzoek daartoe van de patiënt.
Het verzoek moet vrijwillig en weloverwogen zijn. Op een verzoek dat het resultaat is van een opwelling, een plotselinge hevige gemoedstoestand, mag en moet niet worden ingegaan. Een verzoek is vrijwillig geuit als dit zonder druk of invloed van anderen op de patiënt is geuit. Hoewel de familie en vaak ook het verplegende en verzorgende personeel wordt betrokken bij het verzoek van patiënt, is het niet vereist dat zij ermee instemmen; het verzoek van patiënt staat centraal. Voor de weloverwogenheid van het verzoek is het van belang dat de patiënt volledig inzicht heeft in zijn ziekte, de gestelde diagnose, de prognoses en de behandelmogelijkheden.
Schriftelijke vastlegging van het verzoek door de patiënt is geen wettelijke eis, maar verdient- vanuit bewijsrechtelijk oogpunt- in de praktijk de voorkeur. Een schriftelijke wilsverklaring is pas onontbeerlijk wanneer een patiënt door het verloop van zijn ziekte niet meer in staat is een euthanasieverzoek te uiten. De wet bevat de mogelijkheid voor het opstellen van een voorafgaande schriftelijke wilsverklaring voor het geval de patiënt wilsonbekwaam wordt. Zo'n verklaring is geldig, mits deze schriftelijke wilsverklaring is opgesteld in de periode dat de patiënt wilsbekwaam was. Om zo'n verzoek te mogen honoreren, moet de arts wel nagaan of ook aan de overige zorgvuldigheidseisen is voldaan.
Verzoek van een minderjarige
Alleen een wilsbekwame patiënt zélf kan vragen om euthanasie of hulp bij zelfdoding. Er is dus geen ruimte voor een plaatsvervangend verzoek van ouders of wettelijke vertegenwoordigers van de patiënt. Wel biedt de wet de mogelijkheid aan minderjarigen vanaf twaalf jaar om de arts om euthanasie of hulp bij zelfdoding te vragen. De wet maakt, in aansluiting op de bestaande regels over medisch handelen met betrekking tot minderjarigen, onderscheid in twee leeftijdscategorieën. Bij een euthanasieverzoek van patiënten van twaalf tot zestien jaar is de instemming van de ouders of voogd vereist. Zestien- en zeventienjarigen doen dit verzoek in beginsel zelfstandig, maar hun ouders of voogd moeten wel in de besluitvorming worden betrokken.